Inspiratie, persoonlijke groei en geluk

Hoe werkt dat dan, afvallen?

Hoe werkt dat dan, afvallen?

Het is heel raar eigenlijk. Je weet wel hoe je moet afvallen (heel simpel: minder eten!), maar je kunt de motivatie niet vinden. Jaren ben ik er naar op zoek geweest, die motivatie. Ik heb wel eens pogingen gedaan, maar kon het niet vasthouden. Met als gevolg het bekende jojo-effect. Tot je op zeker moment zo zwaar wordt, dat je er steeds meer last van krijgt en denkt: dit kan zo niet langer. En - zeker als je ouder wordt - ook meer gezondheidsklachten krijgt, mede door je overgewicht. Maar nog steeds weet je niet ECHT hoe.

En nu ben ik er achter. Het vreemde is, dat je denkt iets te weten, maar dat toch niet zo is. Wat je nodig hebt is een gebruiksaanwijzing van je geest en van je lichaam. Toen onze kinderen geboren werden, grapte ik al eens tegen mijn vrouw, dat er geen gebruiksaanwijzing bijgeleverd was. Je doet dus maar wat als ouder, en koopt een boek over kinderverzorging. En je prijst je gelukkig dat je met zijn tweeen bent, zodat je eventuele problemen samen kunt bespreken en samen tot een besluit kunt komen, wat te doen.

Dit gaat ook voor jezelf op. Je eigen handleiding heb je er ook niet bij gekregen. Ja, je leest dus wel eens wat, en je bent (hopelijk) opgevoed. Maar toch is het niet genoeg.

De echte hardware, dat leer je eigenlijk nergens. Je doet van alles, maar je weet niet waarom. Het verraderlijke van leren hoe 'de mens' werkt, is dat iedereen de algemene basisprincipes weet. Maar als het tot de uitvoering en de details aankomt, dan zink je weg in een moeras van keuzes en onwetendheid.

Je kunt jezelf qua afvallen onderscheiden in drie componenten. Geest (oftewel je brein) en lichaam. En je brein, dat bestaat uit twee delen. Dat is het denkende ikje, met allerlei analyses. Heel slim, maar overschat zichzelf behoorlijk. Deze "kleine professor" verzint voortdurend oplossingen voor allerlei problemen en vraagstukken. Het probleem is alleen: die oplossingen kloppen soms, maar heel vaak ook niet. De kleine professor (of de Berijder of Ruiter, in de relatie tot het onbewuste deel van je brein) is echter heel erg eigenwijs en houdt stug vast aan de verzonnen oplossingen, of deze nu juist zijn of niet. Denk maar aan "verklaringen" van natuurverschijnselen, die de primitieve mens verzint. Bliksem? Oei, de goden zijn boos!

Dan hebben we het onbewuste deel van het brein. Daar vinden magnifieke processen plaats, die onze lichamelijke processen aansturen en ons handelen (de uitvoering daarvan) grotendeels geautomatiseerd regelen. Een supercomputer, met snelheden en capaciteiten waar computer-bouwers alleen van kunnen dromen. Deze computer draait volautomatisch. Reageert volgens ingebouwde en aangeleerde regels op onze omgeving. We weten al bij de geboorte hoe we moeten eten en drinken. En we leren onszelf op zeker moment ook lopen, met vallen en opstaan. Van ervaringen in onze omgeving leren we ook. Bij voorbeeld dat een kachel heet is en je daar beter niet aan kunt komen. En dat ijsjes lekker zijn. En koekjes. En snoepjes.

In relatie tot de Berijder of de Ruiter is dit deel van de hersenen de Olifant of het Paard. Daar stoelen ook onze emoties. Die kunnen een krachtige motor zijn van ons handelen. Maar ook een rem. De Olifant is impulsief en houdt niet van lange termijn plannen. En niet van verandering. Want die gewoontes werken heel erg goed! `Never change a winning concept`, denkt de Olifant.

De Berijder kan de Olifant echter tot verandering aanzetten. Hij moet daartoe op basis van juiste informatie een plan maken. Het verzamelen van de juiste informatie kan een probleem zijn, want de Berijder is minder slim dan hij denkt. Hij kan nogal eens verstrikt raken in de planfase.
En vervolgens moet hij de Olifant heel langzaam gaan dresseren. Met kleine veranderstapjes laten inzien, dat het anders moet en anders kan. Totdat dat andere gedrag ook een gewoonte is geworden. En dan gaat het vanzelf, want dan is het de Olifant `eigen` geworden.

En dan is er het lichaam. Met even verbazingwekkende eigenschappen en vaardigheden. Het regelt zichzelf allemaal. Maar we weten er eigenlijk maar weinig van af, hoe dat apparaat werkt. Ja, je leert wel eens wat, en je leest wel eens wat. Maar er is ook zo veel tegenstrijdige informatie. We weten dat alles waar "te" voor staat, niet goed is. Maar hoe bepaal je wat "te" precies is?

Eetgedrag en afvallen

Je kunt dan wel gaan proberen je gedrag - bij voorbeeld je eetgedrag - aan te passen, maar als je niet weet hoe de boel werkt, dan leidt dat tot niks. Neem nou een auto. Stel je leent een auto, maar je moet hem wel bijtanken. De eigenaar zegt nog: er gaat 50 liter in! Als je niet weet of je diesel of benzine moet tanken, dan kun je aardig de mist in gaan. Dus als je niet goed begrijpt, wat je lichaam nodig heeft, is de instructie: "eet niet te veel" een goed begin, maar te weinig om te weten wat je moet doen.

Dat is ook typisch een valkuil voor de Berijder (de kleine professor). Die gaat dan van alles bedenken hoe dat zou moeten. Hij weet wel wat algemene principes. Maar ´The devil is in the details`, en dat is precies waar de kleine professor nogal eens het spoor bijster raakt. Hij wil teveel, te snel, maakt onrealistische plannen, of wil dingen die technisch of praktisch helemaal niet kunnen. Minder eten? Dan gaan we maar zo min mogelijk eten. Maar zonder goede handleiding van Olifant en van het lichaam lukt het niet, en dan raakt onze kleine professor in zak en as.

De Olifant ondertussen denkt: dit werkt niet lekker, ik heb hier geen zin meer in. De kleine professor is heel erg moe geworden, hij kan die Olifant niet meer in bedwang houden. Dus die neemt het ervan en plundert de chocolate chip koekjes. En ook nog een zak chips en een ijsje. Hij is voldaan, maar wel een beetje misselijk.

Als je dus je eetgedrag (of ander gedrag) gaat aanpassen op een manier, die technisch niet goed is, dan leidt het tot niets. Het is alsof je probeert weg te rijden in een auto met de handrem er op. Of je probeert ongetraind de marathon te lopen. Dat is technisch onmogelijk, als je er niet voor getraind hebt. Je moet dus weten wat je doet, en hoe dat moet. En binnen de technische mogelijkheden. Dat zijn ogenschijnlijk open deuren, maar als je ziet hoeveel mensen (en steeds meer mensen!) lijden aan overgewicht, dan is dat niet zo'n open deur als je zou denken.

Wat moet je dan doen? Hoe werkt dat dan, afvallen? Je moet drie zaken onder controle krijgen. De Berijder moet eenvoudige richtlijnen krijgen, wat er te doen staat. Concreet en realistisch. Dat is de basis voor een lange termijn plan.

Vervolgens moet de Berijder de Olifant voorkauwen wat er bereikt moet worden. Dat doe je door een emotioneel aansprekend doel te formuleren. En liefst zo visueel mogelijk. Een grafiek van wat je wilt afvallen is aardig, maar een filmpje met een zwaar vervet orgaan (een hart of zo), of een plastic zak met vieze vette blubber met de hoeveelheid vet die je meetorst is beter. Dat spreekt de Olifant aan. Die denkt dan: holy mackerel! Dat moeten we niet hebben!

Dan moet je gaan werken aan de gewoontes van de Olifant. Kleine stapjes, niet te lange termijn en niet te ingewikkeld. Want dan haakt hij af. Bouw gewoonten in om iets meer te bewegen. Ga op de fiets naar je werk. Of parkeer de auto een straat verder weg. Ga een keer in de week sporten. Bouw gewoontes in om iets gezonder te eten. Richt je omgeving anders in. Haal dingen waarop je in de fout gaat niet in huis. En niets overhaasten. Ga vooral niet heel anders eten dan je normaal doet. Want dat is niet vol te houden op de lange termijn. Dat gaat nooit werken!

En dan het belangrijkste sluitstuk. Haal geen toeren uit met je lichaam, met je energiebehoefte, die technisch niet kunnen. Ga dus niet heel mager eten. Want je lichaam gaat reageren, en je houdt het niet vol. Te weinig koolhydraten? Al snel gilt je lichaam om broodnodige energie, en of je het langer volhoudt of korter, op zeker moment ga je voor de bijl. Hetzelfde geldt voor eiwitten en vetten. Je lichaam heeft die voedingsstoffen nodig, en in een goede verhouding. Als je dus weet WELKE verhouding, dan blijkt het opeens heel eenvoudig te zijn. Want dan blijft je lichaam in balans, en raak je niet in de problemen.

Hoeveel je dagelijks verbruik moet zijn, is niet zo moeilijk. Dat kun je zo opzoeken op internet (resp. voor mannen en vrouwen). Eet niet beduidend minder dan die dagelijkse energiebehoefte. Dat is ook niet nodig, en contraproductief. De meeste mensen vallen al af als je gewoon op dat niveau gaat zitten. En de verbranding (activiteiten) een klein beetje opschroeft.

Tot slot moet je dus alleen nog bijhouden wat je eet. Je hoeft niets afwijkends te doen, houd alleen bij wat je eet en hoeveel energie (resp. eiwitten, koolhydraten en vetten) dat is. Daar zijn allerlei handige apps voor. Je hoeft geen bijzonder dieet te volgen. Alleen evenwichtig te eten. De verhouding tussen vetten, eiwitten en koolhydraten moet evenwichtig zijn. Als je bijhoudt wat je eet, dan weet je al snel, wanneer je te veel eet. Dan hoef je je zelf alleen nog af te vragen, of je dat wilt blijven doen. De verleiding wordt dan al gauw groot, om te gaan sturen. Je ziet ineens, dat die schep pesto van 10 gram onevenredig veel energie bevat. Je hoeft dan niet de pesto te laten staan, maar je weet wel dat als je niet over je energiebehoefte heen wilt, dat een makkelijke besparing is. Je moet alleen goudeerlijk tegen jezelf zijn. Schrijf ALLES op wat je eet. Ook al ben je compleet uit de bocht gevlogen. Want dat is niet erg, je kunt dan goed zien wat het effect is, en dan proberen wat er gebeurt als je wat minder gas geeft.

Zo werkt het dus, afvallen. Eigenlijk doodeenvoudig. Het belangrijkste is, dat je geen extreme dingen gaat doen. Je hoeft jezelf alleen maar te leren, hoe je lichaam werkt, wat je er in moet stoppen om het goed te laten werken. Zorg er goed voor, en de resultaten zijn verbluffend. En daar word je heel erg gelukkig van. [MdV, 12-07-2012]

 

Leave a reply

Dit is een demo-winkel voor testdoeleinden — bestellingen zullen niet worden uitgeleverd. Sluiten